Mbo
De meeste leerlingen met een vmbo-diploma – ruim 80% - stromen door naar het mbo. Het mbo kent dezelfde sectoren als het vmbo: Techniek, Landbouw, Economie en Zorg&Welzijn. Mbo-studenten stromen meteen in een van deze sectoren in. Verder kent het mbo twee leerwegen: de beroepsopleidende leerweg (bol) en de beroepsbegeleidende leerweg (bbl, voorheen het leerlingwezen). In combinatie met de leerwegen zijn er vier opleidingsniveaus: de assistentenopleiding (niveau 1), de basisberoepsopleiding (niveau 2), de vakopleiding (niveau 3), de middenkaderopleiding of specialistenopleiding (niveau 4).
Momenteel zijn met betrekking tot het mbo alleen cijfers voorhanden over deelnemers en geslaagden. Het percentage meisjes dat een opleiding volgt in de sector Techniek is groter dan het percentage meisjes dat in het vmbo voor de sector Techniek kiest. Ook neemt het percentage meisjes dat een technische mbo-opleiding volgt toe. De meeste meisjes in de sector Techniek van het mbo volgen een bol4-opleiding.
De cijfers zijn ontleend aan CBS/Statline en bewerkt door VHTO.

