 |
|
Buitenschoolse
verschillen groter
Meisjes in het basisonderwijs denken iets positiever over computers
als ze les krijgen van een vrouwelijke leerkracht met veel computerervaring
en als ze de computer gebruiken in een klassikale onderwijssituatie.
Maar buitenschoolse factoren, zoals stimulering door de ouders, blijken
veel meer invloed te hebben op de houding van meisjes en jongens t.a.v.
ict. Dat blijkt uit het promotieonderzoek van Martina Meelissen (mei
2005).
Buitenschoolse verschillen
Uit Meelissens onderzoek onder ca. 4000 leerlingen van groep 7 blijkt
dat zowel jongens als meisjes zeer positief zijn over computers. Wel
vinden jongens computers nog iets aantrekkelijker dan meisjes. Meisjes
en jongens vinden het gebruik van computers tijdens de les even leuk,
maar zij praten minder met anderen over computers dan jongens. Een derde
van de meisjes vindt dat computers meer iets voor jongens zijn (de meeste
jongens denken hier ook zo over), maar dat is niet van invloed op de
(positieve) houding van de meisjes t.a.v. computers.
Buiten schooltijd zijn de verschillen tussen jongens en meisjes m.b.t.
computergebruik groter. Jongens zitten thuis gemiddeld vijf uur per
week achter de computer, meisjes drie uur. Leerlingen zien hun vader
vaker achter de computer zitten dan hun moeder. Het meest van invloed
op de houding van de leerlingen is de mate waarin hun ouders hen aanmoedigen
de computer te gebruiken. Meisjes hebben hier meer baat bij dan jongens,
maar jongens worden vaker gestimuleerd te computer te gebruiken.
Wat bepaalt de keuze van meisjes werkelijk?
Wat er op de basisschool gebeurt, heeft dus wel enige invloed op de
computerattitude van meisjes, maar de invloed van buitenschoolse factoren
is veel groter. Bovendien heeft onderzoek in andere (westerse) landen
aangetoond dat op jonge leeftijd vertrouwd raken met computers bij meisjes
geen enkele rol speelt om al dan niet voor een toekomst in de ict te
kiezen. Volgens dit onderzoek is overigens ook de invloed van de ouders
in dit opzicht beperkt.
Meerdere invalshoeken
In discussies over het wegwerken van de ondervertegenwoordiging van
meisjes en vrouwen in ict, bèta en techniek wordt de ‘zwarte
piet’ vaak naar voren geschoven, naar het basisonderwijs dus.
Meelissens onderzoeksresultaten laat zien dat de ultieme oplossing niet
(alleen) in het basisonderwijs ligt. Het ‘ei van Columbus’
bestaat niet. Er zijn meerdere invalshoeken nodig (imagoverbetering,
aantrekkelijk onderwijs, op meisjes afgestemde voorlichting, aantrekkelijke
banen e.d.), commitment bij alle onderwijsniveaus en het bedrijfsleven,
en onderlinge samenwerking. Het kan zeker geen kwaad om de ouders vanaf
de basisschool bij dit veranderingsproces te betrekken.
Bron (behalve laatste alinea): Didaktief, december 2005.
Martina Meelissen, ICT: meer voor Wim dan voor Jet? De rol van
het basisonderwijs in het aantrekkelijk maken van informatie- en communicatietechnologie
voor jongens en meisjes. Proefschrift Universiteit Twente, 2005
|
|
| |
|
COLOFON
VHTO, landelijk expertisebureau meisjes/vrouwen en bèta/techniek
T 020 6521295
E vhto@vhto.nl
W www.vhto.nl
Dit e-zine is samengesteld met financiële ondersteuning van het
Ministerie van OCW.
Heeft u suggesties, commentaar, ideeën? Laat het ons weten via vhto@vhto.nl
|
|