| Waarom
Deense moeders meer werken dan Nederlandse
Zorgen voor de (kleinere) kinderen, dat doet de Nederlandse
moeder liever zelf, samen met de vader. De Denen vinden echter dat kinderen
beter af zijn bij een deskundige opvangkracht dan thuis. In een artikel
in de Volkskrant liet Monique Kremer, verbonden aan de Wetenschappelijke
Raad voor het Regeringsbeleid, onlangs zien hoe ouders in verschillende
landen tot verschillende opvattingen over kinderopvang kunnen komen
en welke gevolgen dit kan hebben voor de deelname van vrouwen aan het
arbeidsproces.
Combinatiescenario
In Nederland heeft de overheid ingezet op het ‘combinatiescenario’
ter vervanging van het verouderde kostwinnersmodel en om meer vrouwen
aan het werk te krijgen. Nederland is hierin uniek in Europa. Als mannen
minder zouden gaan werken en meer zouden zorgen, zouden vrouwen meer
kunnen werken, was de gedachte. Een belangrijke pijler van het combinatiescenario
is deeltijdwerk. Er zijn allerlei regelingen gekomen om daartoe meer
mogelijkheden te scheppen. Maar tegelijkertijd is de ontwikkeling van
betaalbare kinderopvang geremd. Dat was immers niet meer nodig aangezien
in het combinatiescenario de ouders zelf voor de nodige opvang zouden
kunnen zorgen!
Vaders werken niet mee
Maar wat blijkt? Nederlandse vaders zijn minder gevoelig voor dit ‘ideaal’
dan moeders. Want hoewel ze wel vaker verlof opnemen dan in andere landen
werken ze bijna allemaal voltijd. De vaders werken dus niet mee aan
het welslagen van het combinatiescenario. De deelname van moeders aan
het arbeidsproces is veel te afhankelijk gemaakt van het gedrag van
vaders. Aangezien het combinatiescenario niet door mannen is bedacht
en zij er niet voor hebben gestreden kan het wel even duren voordat
zij daadwerkelijk hun gedrag veranderen.
Hoog opgeleide professionals
In Denemarken is het heel anders gegaan. Sinds de jaren zestig verkondigen
de vrouwenbeweging, sociaal-pedagogen en werkers in de kinderopvang
dat de beste kinderopvang gebonden wordt door hoog opgeleide professionals
is. In de crèche kunnen kinderen samen spelen en zich optimaal
ontplooien. Kinderopvang heeft hier dus een pedagogisch doel, niet alleen
een arbeidsmarktdoel. Denemarken heeft de best getrainde kinderleidsters
in Europa. Deense kinderen gaan vijf dagen per week naar de opvang.
Ouders hebben het idee dat hun kinderen iets missen als ze niet naar
de crèche gaan.
Kinderen in goede handen
Volgens Monique Kremer zullen moeders pas meer gaan werken dan de 12
uur gemiddeld die ze nu op de arbeidsmarkt doorbrengen, als zij het
gevoel hebben dat hun kinderen in die tijd in goede handen zijn. Dat
kunnen vaders zijn, als die er meer toe kunnen worden verleid minder
uren te gaan werken en meer te zorgen, maar crècheleidsters en
-leiders die professioneel bezig zijn met de pedagogische en sociale
ontwikkeling van jonge kinderen.
Monique Kremer, ‘Kind is belangrijker dan geld; Nederlandse moeders
gaan pas voluit aan het werk als de kinderopvang uitstekend is, financiële
prikkels doen er weinig toe’, in: de Volkskrant, 12 november
2005.
|