‘Iets kan ook leuk worden als je je erin verdiept’

13 oktober 2021

‘Iets kan ook leuk worden als je je erin verdiept’

Dat techniek een grote maatschappelijke relevantie heeft, zou meer benadrukt moeten worden zodat meer meisjes kunnen worden geenthousiasmeerd, zegt Iris Berkhout, nieuw lid van de raad van toezicht van VHTO. “Ik vind dat er nu nog te weinig stimulans is in het onderwijs om de technische kant van leerlingen uit te dagen, zeker voor meisjes.”

Waarom solliciteerde je bij VHTO als lid van de raad van toezicht?

“Een deel van mijn motivatie komt doordat ik moeder ben van twee dochters: Jade en Nova van 8 en 6 jaar. Ik vind het belangrijk dat mijn dochters zich vrij voelen om elke keuze te maken die ze willen. Toch merk ik dat ze zich soms gestuurd of beïnvloed voelen. Mijn oudste dochter hield als kleuter al van dino’s en van prinsessen. Ik merkte dat ze bij de BSO toch eerder de prinsessenkleurplaat koos, terwijl ze thuis bijna altijd voor de dinokleurplaat ging. Inmiddels zegt ze overigens wel later paleontoloog te willen worden.
Zelf ben ik geen bèta, ik heb Nederlands gestudeerd. Mijn man Job werkt wel in de sector, hij heeft een eigen internetbureau. Ik zie dat het voor hem lastig is om partners, of zelfs personeel te vinden, zeker vrouwen.
Het is voor mij een nieuwe wereld, maar wel een die ik belangrijk vind. In vorige banen had ik al te maken met gender en herkomst, maar dan was het gericht op beleid voor onderwijs of arbeidsmarkt. In deze rol als lid van de raad van toezicht komen een aantal dingen samen.”

Heb je zelf ook met het thema te maken gehad?

“Misschien kan ik het voorbeeld noemen dat ik zelf meemaakte op de middelbare school en wat ik zelf als docent heb meegenomen toen ik voor de klas kwam te staan.
Ik viel in de categorie: harde werker, maar geen talent als het om wiskunde ging. Ik voelde me door mijn wiskundedocent niet begrepen. Toevallig zat ik in een klas waar veel leerlingen het profiel Natuur & Techniek hadden. De klasgenoot naast me maakte amper opdrachten uit het boek, zijn les bestond uit mij helpen met de opdrachten. De docent kon niet afdalen naar mijn begrip van wiskunde en ik begreep hem niet. Bij het uitreiken van mijn examen zei de docent: “Ik heb het drie keer nagekeken, maar minder kon ik er niet van maken.”
Dat was natuurlijk een uitspraak die niet kon, maar ik heb het maar positief gedraaid en er een mantra van gemaakt. Als docent gaf ik mijn leerlingen mee dat ik veel van ze verwachtte, en dat ik er was om ze te ondersteunen.”

Wat neem je mee in de raad van toezicht vanuit je ervaring in het onderwijs?

“Techniek heeft een hele grote maatschappelijke relevantie. Ik denk dat we dat moeten benadrukken om meer meisjes te enthousiasmeren. Ik vind dat er nu nog te weinig stimulans is in het onderwijs om de technische kant van leerlingen uit te dagen, zeker voor meisjes. En zeker op een middelbare school, waar de groepsdruk hoog is, heeft dat grote invloed op waar meisjes uiteindelijk voor kiezen. We zouden docenten wel wat meer bewust kunnen maken van hun rol daarin en hoe ze het vlammetje aan kunnen wakkeren. Bijvoorbeeld door te schetsen wat je ergens mee kunt bereiken. Er wordt vaak vooral gestuurd op doen wat je leuk vindt. Terwijl iets ook leuk kan worden als je je erin verdiept.”

En daarna ben je bij de overheid aan de slag gegaan. Wat heb je daar gezien wat je meeneemt in deze rol?

“Gelijkheid op de arbeidsmarkt was een thema waar ik bijvoorbeeld mee bezig was. We spraken toen vaak over jongeren die onvoldoende startkwalificatie hadden om succesvol te zijn op de arbeidsmarkt. Jongeren die op mbo2-niveau kiezen voor een administratief beroep komen vaak terecht in een rol die op termijn geautomatiseerd wordt. Deze jongeren komen dus niet aan het werk. Het is lastig om deze groep naar de technische kant te laten overstappen, omdat ze dat werk zien als laaggeschoold werk. Dat is natuurlijk iets wat ook bij meisjes speelt.
En wat ik daar ook zag; ouders zijn van grote invloed. In Rotterdam was er een project waar ouders meegenomen werden naar de haven. Daar kregen ze te zien hoe technisch hoogstaand het werk is.
Het zijn dus twee dingen waar je invloed op kunt uitoefenen: hoe kun je zorgen dat docenten de technische kant onder de aandacht brengen omdat de beroepszekerheid daar hoger is? En hoe kun je van invloed zijn op ouders?”

Waar zie je naar uit?

“De rol als lid van de raad van toezicht is voor mij een nieuwe ervaring. Omdat VHTO in een transitie zit, wordt gewaardeerd om mee te denken. Dat vind ik leuk om te doen. Ik zie zo’n raad van toezicht als een team. Het zou mooi zijn als we elkaar aanvullen en de stichting zo kunnen ondersteunen. Ik hoop dat ik vanuit mijn ervaring kan bijdragen. En het is leuk om uit de Haagse kaasstolp te komen en met andere mensen te werken. Dat is voor mij ook leerzaam.”

Over Iris Berkhout

Iris Berkhout is lid van de directie voortgezet onderwijs van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap waar ze verantwoordelijk is voor de afdeling Bestuur, Maatschappij en Regelgeving. Iris startte haar loopbaan als docent Nederlands. Na drie jaar maakte ze de overstap naar de beleidskant en werkte bij het ministere van OCW en Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Haar vorige rol was als afdelingshoofd bij de Inspectie van het Onderwijs. Sinds september 2021 werkt ze in haar huidige rol.