‘We hebben in het onderwijs in Nederland te veel keuzemomenten’

29 november 2021

Interview met Johan Vermeer, vertrekkend lid van raad van toezicht

Zes jaar was Johan Vermeer betrokken bij VHTO. Eerst als bestuurder, later als lid van de Raad van Toezicht. “Gelukkig is wel veranderd dat leraren niet meer hardop zeggen dat natuurkunde niets voor meisjes is.’

U bent zes jaar betrokken geweest bij VHTO. Wat was de reden om dat te doen?

“Mijn hele leven heb ik al te maken met gender en bèta. Ik vind het een interessant thema en een belangrijk thema. Lang was ik wiskundedocent. Als ik uitlegde, aan vrienden, kennissen of op school, dat iedereen wiskunde kan dan zag ik vaak de moeders hun wenkbrauwen fronsen, omdat ze denken dat wiskunde moeilijk is. Wat dat betreft is helaas de klus nog niet af. Het blijft in Nederland ingewikkeld, er is een enorme tegenkracht die meisjes tegenhoudt voor bèta te kiezen.”

In die zes jaar bezocht Vermeer ook verschillende keren activiteiten van VHTO, Girls’ Day of het DigiVita Zomerkamp. “We werden ook een per jaar door de projectmedewerkers bijgepraat over de projecten. Die projecten zijn het echte werk en daar gebeurt het. Het is een bewezen interventie dat het helpt om een vrouw als bèta aan het werk te zien. Dat VHTO dat doet tijdens activiteiten, dat helpt enorm.”

De klus is nog niet af, maar is er wel wat veranderd?

“Tot 2000 stond ik voor de klas. Twee jaar daarvoor, in 1998, heb ik een docent natuurkunde nog hardop tegen een leerlinge horen zeggen dat natuurkunde niets voor meisjes was. Dat hoor je gelukkig nog zelden.
Nu zijn de oorzaken subtieler, maar kiezen meisjes helaas nog steeds niet massaal voor harde bèta. Maar helemaal uitsluiten doen ze het niet meer. Toen ik startte bij VHTO als bestuurslid, werkte ik bij de VU in Amsterdam. In het sectorplan natuurkunde en scheikunde stond toen het doel om meer meisjes naar de opleiding te trekken. Dat lukte wel, maar die meisjes kozen allemaal voor een opleiding aanpalend aan natuurkunde of scheikunde. Dat was de truc die de VU toen uithaalde. Het begon met medische natuurkunde. Afgestudeerden worden natuurkundige in een ziekenhuis, ze werken met petscans of zorgen dat de slangetjes met camera’s goed werken. 80 procent van de opleiding zitten ze samen met de bachelor natuurkunde, die ze niet wilden doen.
Wat ook veranderd is, is dat het bèta verbreed is. ICT is erbij gekomen. Zowel maatschappelijk als voor de activiteiten van VHTO. Dat vind ik een goede ontwikkeling.”

Een andere belangrijke ontwikkeling is volgens Johan Vermeer ook dat er rolmodellen vaker zichtbaar zijn. Hij noemt wetenschapsjournalist Anna Gimbrere die regelmatig op televisie komt. “Dat gaat de zaak enorm vooruithelpen. Iemand heeft me wel eens gezegd: stop maar met alles wat VHTO doet, echt succesvol wordt het pas als je een vrouwelijke bèta een hoofdrol laat spelen in een soapserie. Dat zou zeker helpen, maar gelukkig is er meer wat je kunt doen. De nieuwe generatie kijkt anders naar het thema.”

En voor u persoonlijk, is er in uw gevoel naar het thema toe wat veranderd?

“Ik heb de afgelopen jaren wel gezien dat het niet makkelijker is geworden om het thema aan te pakken. Dat komt bijvoorbeeld door het grote aandeel vrouwen in het onderwijs. Ik denk dat het dieper ingrijpt op ontwikkelingen dan we denken. Ik ben mede-auteur in het boek De ontwikkeling van jongens in het onderwijs, wat onder andere gaat over de dalende prestaties van jongens de afgelopen jaren. Voor mij is dat hetzelfde onderwerp. Zowel jongens als meisjes hebben last van te stereotype rollen.”

Waar bent u trots op?

“We moeten als raad van toezicht onze rol niet overschatten, want Cocky Booij draaide de boel goed. Toen zij vertrok, moesten we wel aan de bak. Ik ben er trots op dat we Sahar Yadegari hebben gevonden. Dat Sahar er is geeft VHTO nieuwe kansen, bijvoorbeeld doordat ze de organisatie anders inricht. Maar ook om groepen met een andere culturele achtergrond voor bèta te laten kiezen. Ik weet nu niet of meisjes met een andere culturele achtergrond dan de Nederlandse anders kiezen dan dat we nu uit onderzoeken weten van meisjes zonder die andere achtergrond. Die kennis kan VHTO weer meenemen om een stap naar voren te doen naar alle groepen meisjes.”

Wat blijft u bij van de jaren bij VHTO?

“Samen met een Amerikaanse onderzoeker heeft VHTO een model ontwikkeld over de verschillende keuzemomenten die er zijn om voor bèta te kiezen en dat je bij al die momenten meisjes kwijtraakt. Dat is een model waarin ik geloof. We hebben in Nederland ontzettend veel keuzemomenten, waardoor we kinderen heel makkelijk de mogelijkheid geven om weg te kiezen van bèta. Wiskunde A bijvoorbeeld wordt nu gekozen door kinderen die niet zo goed zijn in bèta. Eigenlijk moet je die mogelijkheid afschaffen. Want door daarvoor te kiezen, sluit je ze al uit voor bepaalde opleidingen. Een ander voorbeeld: universiteiten hebben een tijd gepromoot dat de mogelijkheid er is een andere master te doen na een bachelor. Wat we zien is dat jongens rechtdoor kiezen en dus een aansluitende master volgen. Meisjes kiezen vaak een andere master, bijvoorbeeld een onderwijsmaster. Gevolg is dat ze niet meer doorstromen naar het bèta-onderzoek. Zo vallen er elke keer vrouwen af. We zouden die keuzemomenten moeten minimaliseren. Aan VHTO is het om in al die lagen te kijken hoe we meisjes kunnen stimuleren toch voor bèta te kiezen.
Mijn zoon heeft een tijd een bijbaan gehad achter een lopende band. Toen hij daarover vertelde, realiseerde ik me dat er heel veel technisch werk is wat gaat over procestechniek op mbo-niveau. Daarvoor is vanuit Den Haag vaak te weinig aandacht. Dat komt, denk ik, omdat zij vaak een havo of vwo achtergrond hebben en doorstromen naar hbo of wo. De wereld van vmbo of mbo lijkt niet mee te tellen, die kennen ze niet. Procestechniek is ook techniek en gaat machines aan de praat houden met interfaces of door het bijvullen van olie. Toen VHTO begon was het een vakorganisatie voor afgestudeerden in het hoger onderwijs, het is goed dat dat het verbreed is naar vmbo en mbo.”

Wat gaat u doen de komende jaren nu de toezichtsrol er niet meer is?

“Ik word geen toezichthouder meer. De laatste vijf jaar van mijn werkende leven ga ik me maximaal inzetten in mijn baan als directeur van het Samenwerkingsverband Passend Voortgezet Onderwijs in de regio Zuid-Kennemerland om hier de uitdagingen op te lossen die er nog liggen.”

Wat wilt u het team van VHTO nog meegeven?

“Hou vol en ga door met waarmee je bezig bent. Het onderwerp is te mooi om los te laten. Er is ook nog veel werk te doen. Je zou het hoogstens over de vorm kunnen hebben. Ik ben daar het meest nieuwsgierig naar hoe dat zich in de toekomst gaat ontwikkelen. Maar het belang staat buiten kijf, het is goed dat VHTO er is.”