VHTO BLOGT | 12 | De lekkende bèta/technische pijpleiding

28 oktober 2019

In Nederland is er nog altijd grote vraag naar bèta/technisch opgeleid personeel. Uit onderzoek blijkt dat de deelname aan en uitstroom uit bèta/technische opleidingen in Nederland erg laag is in vergelijking tot andere OESO-landen. KBA Nijmegen en de Universiteit Twente hebben een grootschalig onderzoek uitgevoerd naar de oorzaken van de ‘lekkende bèta/technische pijpleiding’.  Annemarie van Langen, senior onderzoeker bij KBA Nijmegen, heeft de afgelopen jaren dit onderzoek geleid. Ik praat met haar over de ‘leaky pipeline’, hoe deze te repareren en aanbevelingen voor de toekomst.   

Om te beginnen, wat is de ‘leaky pipeline’?   
‘De ‘leaky pipeline’ ofwel de lekkende pijpleiding verwijst naar de voortijdige uitstroom van leerlingen en studenten uit bèta/technische opleidingen. We zien dat een groot deel van de leerlingen en studenten die in eerste instantie wel voor een bèta/technische opleiding kiezen, hier uiteindelijk niet mee door gaan, dit noemen we weglek.  In de afgelopen jaren is het aantal vwo- en havoleerlingen dat voor een natuurprofiel kiest toegenomen tot zo’n 40 tot 60 procent. Maar slechts een deel van hen - waaronder minder vrouwen dan mannen, en minder N&G-kiezers dan N&T-kiezers - gaat daarna ook een bèta/ technische opleiding doen. Hetzelfde geldt voor de overgang van vmbo naar mbo: een aanzienlijk deel van de leerlingen met een bèta/technisch vmbo-diploma stroomt niet door naar bèta/technisch mbo. Meisjes in de beroepsgerichte leerwegen van het vmbo kiezen overigens sowieso nauwelijks voor een bèta/technische profiel, en een nog kleiner deel gaat door naar een bèta/technische opleiding in het mbo. 

'Meisjes in de beroepsgerichte leerwegen van het vmbo kiezen overigens sowieso nauwelijks voor een bèta/technische profiel, en een nog kleiner deel gaat door naar een bèta/technische opleiding in het mbo.'

Een hogere instroom in de bèta/technische profielen in voortgezet onderwijs is dus geen garantie voor een hogere uitstroom uit bèta/technische beroepsopleidingen: tussentijds ontstaat er veel weglek. Wij waren benieuwd naar de factoren die de weglek veroorzaken, maar ook naar eventuele oplossingen voor deze weglek. De centrale vraag die we onszelf stelden was: Hoe kan de weglek uit de bèta/technische pijpleiding worden verklaard en voorkomen?’ 

Kan je wat meer vertellen over de opzet van het onderzoek?  
‘Het onderzoek bestaat uit zes deelonderzoeken, waarin we vragen zoals: ‘Waar ontstaat in Nederland weglek van bèta/technisch potentieel?’, ‘In welke opzichten verschillen de uitstromers van de doorstromers?’ en ‘Wat voorkomt bèta/technische weglek?’ hebben onderzocht. Verder hebben we op basis van twee internationale onderzoeken onder 10- en 15-jarigen, de situatie in Nederland vergeleken met de situatie in andere landen. Opvallend is dat in Nederland de houding tegenover bèta/techniek tussen jongens en meisjes al vroeg sterk verschilt. Al op tienjarige leeftijd hebben meisjes minder zelfvertrouwen op het gebied van bèta/techniek dan jongens, terwijl ze er op die leeftijd nog wel evenveel plezier in hebben. Deze resultaten geven aan dat het heel belangrijk is om meisjes op jonge leeftijd, terwijl ze nog op de basisschool zitten, kennis te laten maken met bèta en techniek.'

'Het is heel belangrijk om meisjes op jonge leeftijd, terwijl ze nog op de basisschool zitten, kennis te laten maken met bèta en techniek.' 

Wat zijn verdere conclusies op basis van het onderzoek?  
‘De belangrijkste conclusie is dat het onderwerp jongeren en bèta/technische opleidingen, en in het bijzonder meisjes en vrouwen en bèta/techniek, extra aandacht blijft krijgen. Soms horen we geluiden als ‘Het onderwerp heeft nu wel genoeg aandacht gehad, het probleem is opgelost.’ of ‘Het zal allemaal wel loslopen.’ Maar dat is niet zo. De belangstelling van jongeren voor bèta/technische studies en loopbanen hoort nog altijd op de beleidsagenda voor onderwijs én voor emancipatie; zeker in het vmbo en mbo. Overigens is het belangrijk om hier bij te zeggen dat een andere keuze dan bèta/techniek op een individueel niveau niet altijd een probleem is. Maar wanneer we kijken naar de ongelijkheid in de weglek, meer meisjes dan jongens stromen uit, en de tekorten aan bèta/technisch personeel, is het wel een maatschappelijk probleem. Zeker omdat het verschil tussen jongens en meisjes niet door een gebrek aan talent wordt veroorzaakt.’

'Scholen kunnen interventies inzetten die zich speciaal op meisjes en vrouwen richten, zoals mentoring circles, voorlichtingen met vrouwelijke rolmodellen en andere activiteiten die zich speciaal richten op meisjes.'

Wat kunnen we doen om de weglek te verminderen?  
We zien dat de keuze voor een bèta/technisch profiel of opleiding door onder andere stereotiepe ideeën en gebrek aan kennis worden beïnvloed. Het is daarom belangrijk om meisjes (en jongens) beter te informeren en begeleiden bij het maken van een studiekeuze. Daarbij moeten ouders ook meer betrokken worden. Vaak weten zij ook niet wat er allemaal mogelijk is op het gebied van bèta/techniek. Verder is het belangrijk om kinderen al op jonge leeftijd kennis te laten maken met beroepsbeoefenaars. Op deze manier zien zij wat de toepasbaarheid en de mogelijkheden van bèta/techniek zijn en gaat deze sector meer voor hen leven. In het bijzonder moeten we meer aandacht geven aan de groepen waarbij we nu de meeste weglek zien, waaronder meisjes en vrouwen. Scholen kunnen interventies inzetten die zich speciaal op meisjes en vrouwen richten, zoals mentoring circles, voorlichtingen met vrouwelijke rolmodellen en andere activiteiten die zich speciaal richten op meisjes.  

Meer lezen?