VHTO BLOGT | 13 | Programmeren in de klas!

21 november 2019

Slechts 32% van de basisscholen in Nederland doet iets aan programmeeronderwijs. Dat terwijl goede digitale vaardigheden, waaronder programmeren, steeds belangrijker worden in onze samenleving. Hoe eerder kinderen goede digitale vaardigheden ontwikkelen, hoe beter. Hierbij spelen leerkrachten een belangrijke rol. Shirley de Wit, projectmedewerker bij VHTO, heeft onderzocht hoe je het geloof van leerkrachten in hun eigen programmeeronderwijs vaardigheden positief kan stimuleren. 

Shirley, om te beginnen wat houdt de term ‘self-efficacy' in?

'Self-efficacy' verwijst naar de verwachtingen die mensen over hun eigen vaardigheden hebben. Het gaat over het geloof in je eigen kunnen, in je eigen competenties. Ik heb onderzocht wat het geloof van leerkrachten in hun eigen programmeeronderwijs vaardigheden is. Ik heb daarbij gekeken of de 'self-efficacy' anders is bij verschillende factoren, zoals gender, het leerjaar, programmeerervaring en programmeeronderwijs ervaring. Uit de resultaten komt naar voren dat mannelijke leerkrachten, bovenbouw leerkrachten, leerkrachten met programmeerervaring en leerkrachten met programmeeronderwijs ervaring een hogere 'self-efficacy' hebben.

Waarom is ‘self-efficacy’ zo belangrijk?

Wanneer een leerkracht een lage ‘self-efficacy’ heeft ten opzichte van programmeeronderwijs, zal de leerkracht ook minder geneigd zijn om programmeeronderwijs te geven. Dat is in het nadeel van de leerlingen. Leerlingen leren namelijk ontzettend veel van programmeren. Programmeren stimuleert de ontwikkeling van het kritische denkvermogen, probleem-oplossend vermogen en creativiteit. Ook helpt kennis over programmeren leerlingen bij het begrijpen van de (technologische) wereld om hen heen. Tot slot bereidt het hen ook beter voor op de arbeidsmarkt. 

Programmeren stimuleert de ontwikkeling van het kritische denkvermogen, probleem-oplossend vermogen en creativiteit.

Wat zijn de belangrijkste conclusies uit het onderzoek?

Een belangrijke conclusie is dat de manier waarop we leerkrachten programmeervaardigheden aanleren invloed op hun ‘self-efficacy’ heeft. Zowel ontdekkend leren als directe instructie kunnen de ‘self-efficacy’ ten opzichte van programmeeronderwijs bevorderen, maar dit verschilt wel per leerkracht. We zagen namelijk in dit onderzoek dat ontdekkend leren bij sommige leerkrachten voor een daling in ‘self-efficacy’ zorgde. Het is belangrijk dat we hiermee rekening houden bij het ontwikkelen van programmeer lesmethodes en trainingen voor leerkrachten.

Het is belangrijk dat we rekening houden met de manier waarop we leerkrachten programmeervaardigheden aanleren bij het ontwikkelen van programmeer lesmethodes voor leerkrachten.

Wil je meer weten over programmeeronderwijs? Ga naar DigiLeerkracht voor meer informatie.