Stap 2

Lesgeven

Kennis

Liever inclusief dan neutraal

Zoals uiteengezet bij het thema ‘Voorbereiding’ zijn mannelijke en vrouwelijke studenten beiden in staat een technische studie met succes te doorlopen, maar hebben studentes een andere startpositie door het heersende stereotype over vrouwen en techniek. Om een studente de kans te geven zich te ontwikkelen tot een vakvrouw is het van belang dat docenten en studieloopbaanbegeleiders een genderinclusieve didactiek gebruiken. Deze doorbreekt actief het heersende stereotype rondom vrouwen en techniek en compenseert daarnaast mogelijke nadelen die vrouwen hierdoor ondervinden. Deze didactiek heeft aandacht voor de mogelijke leervoorkeuren van studentes, zonder hen expliciet in een uitzonderingspositie te plaatsen. Immers: hen in de spotlight zetten zou het gevoel van ‘niet thuishoren’ kunnen bevestigen.

Bij mbo techniek- en ICT- opleidingen is de situatie in de klas regelmatig als volgt:

Onbewuste verwachtingen

Docenten handelen onbewust op basis van aannames die zij hebben over vrouwelijke studenten. Bijvoorbeeld het idee dat vrouwen minder geschikt zijn voor techniek of ICT, omdat ze onzeker overkomen. Het is echter zo dat lage verwachtingen hebben de onzekerheid van studentes in stand houdt, omdat de twijfel van anderen invloed kan hebben op hun zelfbeeld.  

In de praktijk worden verwachtingen zichtbaar in onderstaande situaties.

A. Instructie

Vrouwelijke studenten ten opzichte van mannelijke studenten: 

  • Docent helpt hen vaker/neemt het vaker over

  • Docent prijst hen vaker bij goede antwoorden of prestaties

  • Docent neemt vaker genoegen met ‘ik weet het niet’ 

  • Docent stelt vaker feitelijke vragen

Mannelijke studenten ten opzichte van vrouwelijke studenten: 

  • Docent geeft hen vaker de beurt

  • Docent corrigeert hen vaker 

  • Docent gaat vaker in detail in op antwoorden of prestaties 

  • Docent stelt abstracte vragen  

Idealiter doe je als docent en  studieloopbaanbegeleider je best stereotiepe verwachtingen te herkennen en te voorkomen. Zie de praktische tips voor mogelijke acties die je kunt nemen.

B. Feedback 

Docenten en studieloopbaanbegeleiders besparen studentes negatieve feedback uit angst hun zelfvertrouwen aan te tasten. Studentes hoeven niet gespaard te worden voor negatieve feedback.  Zonder correctie zijn ze minder goed voorbereid op toetsen en opdrachten. Daarom is het van belang groeigerichte feedback te geven. Zie de praktische tips voor uitleg over hoe je dit in de praktijk kan toepassen. 

Dynamiek

In een omgeving waar vrouwelijke studenten in de minderheid zijn komt het vaak voor dat docenten zich aansluiten bij de dominante gebruiken en voorkeuren van de groep mannelijke studenten.

  1. Aandacht
    Mannelijke studenten krijgen vaker dan studentes de aandacht van de docent met als doel ze bij de les te houden.

  2. Vraag-antwoord gesprek
    In een vraag-antwoord gesprek raken studentes sneller ondergesneeuwd, omdat zij hun beurt afwachten en minder snel iets roepen.

  3. Opdrachten
    Regelmatig worden opdrachten vormgegeven met daarin een competitie-element, terwijl studentes vaak de voorkeur hebben voor samenwerking.

  4. Groeperen
    Het kleine aantal vrouwelijke studenten wordt verdeeld over de grote groep mannelijke studenten, zodat er in elk groepje één studente zit.

Idealiter krijgen studentes aandacht van de docent. Daarnaast is het wenselijk dat zij de ruimte voelen om het woord te nemen en om fouten te mogen maken. Dit gebeurt als docenten hen actief de beurt geven en waar nodig corrigeren door middel van groeigerichte feedback. Ten slotte voelen studentes zich meer op hun plek als ze opdrachten krijgen die aansluiten bij hun leervoorkeuren en de kans krijgen zelf hun samenwerkingspartners te kiezen. Zie de praktische tips voor uitleg over hoe je dit in de praktijk kan toepassen.

Beeldvorming

Het is lastig voor studentes om zichzelf voor te stellen als toekomstig vakvrouw in de techniek of ICT. Niet alleen omdat zij te maken kunnen krijgen met lage verwachtingen over hun geschiktheid voor de techniek of ICT, of omdat ze zich niet thuis voelen op school- maar ook door keuzes die docenten en studieloopbaanbegeleiders in de praktijk maken. Bijvoorbeeld:

  1. Maatschappelijke context
    Studentes verliezen hun interesse in de les wanneer onduidelijk is wat de toepasbaarheid en het maatschappelijk belang is van de lesstof.
  2. Rolmodellen
    Studentes kunnen zich moeilijk identificeren met hun toekomstig beroep wanneer zij nooit vrouwen zoals zichzelf zien voor de klas, op school, in hun lesboeken, of in de stagepraktijk.

Idealiter wordt in de les aandacht besteed aan het maatschappelijk belang van de studie. Ook is het belangrijk dat studentes kennismaken met technische vakvrouwen. Zie de praktische tips voor uitleg over hoe je dit in de praktijk kan toepassen.