Goed voorbeeld Stedin: ‘Kijk verder dan alleen werkervaring en vooropleiding’

28 oktober 2021

Netbeheerder Stedin verdubbelde het aantal vrouwelijke monteurs

Van alle intakegesprekken die ze gevoerd had, had ze alleen gesproken met mannen, realiseerde teamleider Marloes van Diffelen zich nadat ze een aantal opleidingsklassen had geworven. Van Diffelen is teamleider van het Serviceteam Operations bij Stedin en is in die rol verantwoordelijk voor de medewerkers die vanuit de participatiewet aan de slag gaan in een opleidingstraject voor assistent-monteur. Gemiddeld bestaat haar team uit zo’n 40 leerlingen die na anderhalf jaar opleiding en stage doorstromen naar een baan als assistent-monteur.

“Als vrouw in een leidinggevende positie bij een technisch bedrijf ben ik altijd bezig om anderen bewust te maken van het aantal vrouwen in de organisatie. Op veel niveaus kan ik daar niets aan doen, ik heb die beslissingsbevoegdheid niet. Bij het aannemen van mijn team had ik wel invloed.”

Wat heb je toen gedaan?

“Als ik alleen zou uitspreken dat ik het leuk zou vinden dat meer vrouwen in het team zouden starten, dan zou het waarschijnlijk niet gaan werken. Wat we daarom hebben gedaan, is dat we tot doel hebben gesteld om in januari een klas te starten met alleen vrouwen. Zo konden we de twee bureaus die ons helpen zoeken naar kandidaten een duidelijke focus meegeven. Mijn hoop was dat ze dan op zoek zouden gaan naar nieuwe wegen om kandidaten te vinden, want de manier waarop we op dat moment naar kandidaten zochten leverde alleen maar mannen op. Uiteraard sprak ik ook met mannelijke kandidaten in die periode, maar die konden dan starten in de klas in mei – we hebben mannen niet uitgesloten van het traject.”

En hoe ging dat?

“Een maand voordat we zouden starten, hadden we nog geen kandidaten. Dus de druk begon toe te nemen om toch ook mannen te selecteren voor de januariklas. De vraag die ik toen regelmatig kreeg was hoe lang ik dit wilde volhouden.
We zijn toen zelf harder gaan zoeken, buiten de bureaus om. Er kwam een collega met een suggestie, er kwam iemand via via en ik ben gebruik gaan maken van een platform waarop ik kandidaten kon selecteren en benaderen. Zo had ik een aantal kandidaten gevonden en toen begon het te lopen.”

Waarom had je de toezegging van een aantal vrouwen nodig om het aan de gang te krijgen?

“Het was niet zo dat vrouwen hebben toegezegd om mee te doen omdat er al andere vrouwen waren. Sterker nog, toen vrouwen hoorden dat ze in een klas zouden komen met alleen vrouwen, reageerden ze daar niet altijd positief op.
Dat we al een aantal vrouwen hadden, hielp vooral in de gesprekken met de bureaus en intern. Ik kon laten zien dat er echt wel vrouwen te vinden waren, maar dat je anders moest zoeken en selecteren.”

Hoe heb je de selectie aangepakt?

“We hebben de vacaturetekst veranderd. We zochten assistent-monteurs, maar bij het vak monteur denkt bijna iedereen aan een man. Daarom hebben we een vacature gemaakt waar het woord monteur niet in voorkomt. We hebben de functietitel veranderd naar medewerker serviceteam operations en in de vacature beschreven wat de functie inhield. In de vacaturetekst stond bijvoorbeeld dat we iemand zochten van het type ‘niet lullen, maar poetsen’ of dat ‘je je mannetje moest staan’. Die termen hebben we er uit gehaald. We hebben toegevoegd dat je veel gaat leren in deze rol en wat je toevoegt aan de samenleving. We vonden het vooral belangrijk dat vrouwen niet zouden afhaken door de functietitel en de tekst.
Die vacature stuurde ik naar vrouwen die ik zelf had gevonden op een online platform. Vrouwen had ik geselecteerd op andere ervaring of kennis dan technische. Ik zocht bijvoorbeeld naar vrouwen die het leuk vonden om buiten te werken of gewend waren met hun handen te werken of fysiek werk te doen. De vrouwen die nu hier werken komen bijvoorbeeld uit de groenvoorziening of werkten voorheen in de steigerbouw en bouwden podia op.”

Heb je nog aanpassingen gedaan aan de functie zelf?

“Nee. We hebben vooraf wel gesproken met de werkbegeleiders die deze trainees begeleiden zodat zij zich wat meer bewust werden van wat verstandig was om te zeggen en doen. Maar inhoudelijke aanpassingen waren verder niet nodig.
Vroeger was dit vak misschien meer een fysiek vak dan dat het nu is. Natuurlijk moet je hier nog wel eens  naar een kabel of gasleiding graven, maar daar heb je nu hulpmiddelen voor. Bovendien doe je dat nooit 8 uur lang. Er zijn veel vaardigheden nodig die vrouwen ook heel goed passen, bijvoorbeeld je goed met klanten moet kunnen omgaan en dat het werken een fijne motoriek vraagt.”

Wat heeft het opgeleverd?

“We zijn gestart met een klas met zeven vrouwen, waarvan er nu een is afgevallen helaas. En voor de klas erna hadden we in eerste instantie drie vrouwen geworven, maar daar is er helaas nog een van over. Toch hebben we uiteindelijk het aantal vrouwelijke monteurs bij Stedin verdubbeld van zeven naar veertien.
De organisatie is ook enthousiast geworden. Vanuit reguliere opleidingsteams komt nu ook de vraag om actief in te zetten  op meer vrouwelijke technici. Vanuit deze ervaring word ik nu gevraagd om mee te denken.”

Welke tips geef je dan jouw collega’s, en ook andere organisaties?

“Kijk verder dan alleen de werkervaring of vooropleiding, en kijk ook naar andere talenten dan die we onder technisch scharen. Ik heb actief profielen te lezen en daarbij gekeken of ik deze vrouwen vond passen bij het beroep van monteur. En kijk of je iets met je vacature kunt doen.”

In de rubriek Goed Voorbeeld belichten we een bedrijf dat op een positieve manier aandacht en actie besteedt aan het aantal vrouwen in hun organisatie. Heb je een goed voorbeeld? Mail dan naar vanheur@vhto.nl.